mountainbike.be
21/01/2008
Reisverhalen

Tour du Mont-Blanc

De Mont-Blanc staat bij menig alpinist en bergbeklimmer bovenaan hun verlanglijstje. Bij de één omwille van de vele mooie wandelpaden rond het gebergte, bij de andere voor de kick van het beklimmen van deze niet ongevaarlijke reus. Nee, wij hebben deze reus niet beklommen maar helemaal rondgefietst, van Chamonix tot Chamonix. Een tocht van 4 dagen, 205 km en 8 605 positieve hoogtemeters. Een gevecht tegen de natuur.

DAG 1
‘Champex’ in Zwitserland is vandaag onze eindbestemming. Het is 8 h in de morgen en Didier, de gids van dienst, wijst er ons op tijdig te vertrekken, een kwestie van voor donkeren binnen te zijn. We kijken elkaar vragend aan, er staan slechts 55 km op het programma en hij verwittigt ons voor donkeren binnen te zijn!? Het is een prachtige dag en iedereen staat te popelen om te vertrekken. We verlaten Chamonix en starten onmiddellijk met een stevige technische klim via ‘le petit balcon nord’. Waar ‘le petit’ voor staat is mij een raadsel, het is een steile singletrack begroeid met boomwortels die ervoor zorgen dat je geregeld eens voet aan de grond moet plaatsen. Als beginner kan deze tellen. Al vlug is het ons duidelijk dat deze tocht er geen voor doetjes wordt. Eenmaal boven dalen we rustig terug het dal in richting ‘le Tour’ waar we even halt houden. Jan, de cijferman in ons midden, vertelt ons dat we nu al 453 pos.h.m achter de rug hebben. We rijden verder naar de top van de 2204 m hoge ‘Col De Balme’, dit via een steil maar breed met stenen bezaaid 4x4-pad. Eens daar wacht ons de grens met Frankrijk en Zwitserland. Dat deze klim steil was hebben we geweten. Wie dacht in Houffalize lange steile klimmen te hebben gereden, is hier nog niet gepasseerd. We bereiken de top, dit is de grens, voor ons ontstrekt zich een uitzicht waar je stil van wordt! We storten ons Zwitserland binnen. Een vrij snelle berijdbare afdaling tussen keien en stenen ligt voor ons, iedereen laat zich met volle overgave gaan, dit is echt genieten. Iets verderop komen we terug in een wat lager gelegen begroeiing. Hier start een zeer link steil pad neerwaarts. Al schuivend en slierend worstelen we ons door de krappe haarspeldbochten van dit smalle wandelpad. Ver achter het zadel hangend mag je er geen moment aan denken hier de remmen ook maar even los te laten. Dit is linke soep, hier is iedere misstap er eentje te veel! Gelukkig, iedereen komt heelhuids het plaatsje ‘Trient’ binnengereden. Er staat ons nog een klimmetje van 20’ richting de top’ La Florclaz’ te wachten. Daar houden we halt om ons eens stevig te bevoorraden. Het weer slaat om, dit voorspelt niet veel goeds. Van hieruit vertrekken we richting ‘Bovine’ (1987 m), deze niet te vermijden klim is eigenlijk een zuiver wandelpad en door de enorme hellingsgraad en het slechte weer is het slechts voor ¼ berijdbaar. Een echte hel voor een biker, klimmen met een goed beladen MTB op je schouder op een glad parcours, fijner kan je het niet voorstellen. Balend bereikt iedereen na 1h stappen de top in Bovine.
Eindelijk kunnen we terug rijden! We dalen af via een snellopende, diep ingesleten singletrack tussen de alpenweiden. Iedereen terug losgelaten en dan gebeurt het, Danny blijft met zijn trappers in de graskant haken en wordt de afgrond ingeslingerd. Zijn 2 dagen oude Specialized gaat 5 maal over de kop met Danny erachteraan. Iedereen schrikt op…alles is stil. Gelukkig, buiten enkele hevige kneuzingen en een geheel verwrongen achterwiel valt alles mee, the show must go on. Nog een half uurtje voor we aan de echte afdaling begonnen. Een loodrecht pad bezaaid met zware rotsblokken (zelfs voor wandelaars gevaarlijk). Hier kan je enkel afstappen en zeulen met de bike. Eenmaal beneden is het niet ver meer en net wanneer de avond valt, arriveren we in ons hotel. Na een stevig avondmaal en een pint zit ons eerste tourdagje erop.

DAG 2
Het ziet er niet goed uit, de ganse nacht viel de regen met bakken uit de lucht en wanneer we moeten vertrekken is het nog steeds niet opgehouden. Na onze fietsen een klein onderhoud te geven, besluiten we toch maar te vertrekken. We moeten naar ‘Courmayeur’ in Italië en het beloofd een zware 44 km lange rit te worden. De grond ligt er zeer glad en gevaarlijk bij en via smalle paden naast diepe ravijnen begeven we ons naar ‘La Fouly’ waar we doorweekt arriveren. Omwille van de slechte weersvoorspellingen raad Didier ons aan droge kleren aan te trekken. Het zwaarste van de dag is op komst! De 2537 m hoge ‘Grand col de Ferret’ is ons volgende doel. Naarmate we op deze prachtige klim stijgen, verandert de regen in sneeuw, het wordt kouder en grilliger. De paden liggen er moeilijk berijdbaar bij en de groep valt stilaan maar zeker uit elkaar. Door het toch al wat slechte zicht zie ik niemand voor of achter me rijden. “Hier sta je er alleen voor!” schiet door mijn hoofd. Door de sneeuw bereik ik stilaan de top en dan…fuck, shit…wat is dit? Een felle Zuidwestenwind snijdt hier door merg en been. Ik zie niemand en probeer in deze barre omstandigheden het pad te vinden. Plots hoor ik iemand roepen, het is Erwin een kranige vijftiger die lang voor mij de top bereikte, zit schuilend achter een rotsblok ons op te wachten. ”Hierlangs, zo snel mogelijk naar beneden” is zijn boodschap en ik aarzel geen moment… Door de koude wil het lichaam helemaal niet mee. Voor ik het besef ga ik over de kop en kom tot stilstand op enkele rotsblokken. Ik roep, maar niemand hoort me. Bij een gevoelstemperatuur van -15° valt dit niet mee en na wat aarzeling zet ik mijn tocht verder. Een eindje verderop zie ik 3 kompanen staan, David en Laurens hebben zich lek gereden op de scherpe richels die dit pad ontsieren. Danny, de barmhartige probeert met bevroren handen de banden terug op hun plaats te krijgen. Ik sluit me aan bij de rest van de groep die tegen de flank een beetje schutting zoekt. Het lichaam zit verkleumt en iedereen heeft het moeilijk deze afdaling te vervolmaken. Iets dieper komt een licht zonnetje ons tegemoet. Dit hadden we net nodig. We zetten onze tocht verder tot in ‘Refuge Elena’ waar we even bijkomen. De afdalingen die we verder voorgeschoteld krijgen, zijn voor de vingers bij af te likken. Het is zoeken naar de juiste paden maar de voldoening van deze paden doen ons alle leed van de dag vergeten. Onder een stralende zon bereiken we ‘Courmayeur’ in Italië. In een oeroud gezellig hotelletje kunnen we terug op krachten komen. Vandaag weten we wat de uitdrukking “four seasons in one day” echt betekent!

DAG 3
Terwijl een stralend zonnetje vanachter de bergen komt, springen we de fiets op en belanden we 3 straten verder aan de voet van onze eerste beklimming. Via een 4x4-pad rijden we richting ’Col de Chécrouit’ (1 956 m). De hellingshoek van dit pad maakt het maar net berijdbaar, een 34-tandje zou hier zeker niet misstaan! Links en rechts is men gezwind de skipistes voor het komende skiseizoen aan het klaarstomen. Na 1h15’ klimmen hebben we 750 h/m achter de rug en om even bij te komen stoppen we in ‘refuge Maison Vieille’. Net als ’s winters kan je hier halt houden om iets te drinken. We vervolgen ons pad via een singletrack van de mooiste soort…niet te steil, niet te technisch…echt een plezier. Eenmaal de top over nog kilometers lange golvende paden met op de achtergrond een prachtig panoramisch zicht. Hier kwamen we voor, het echte bikersgevoel! Op het eind ligt ‘lac de Combal’ waar we even rusten en nagenieten. Van hieruit gaat het peilsnel… een 2 km lang, vlak, recht pad ligt voor ons. David en Didier trekken ons als een wapperende vlag in hun kielzog tot aan de voet van ’Col de Seigne’ (2 516 m). Van nu af gaan we terug behendig klimmen, de top over en dan… mega lange paden spreiden zich alle kanten uit, laverend tussen stenen, diepe groeven en spleten zoekt ieder zijn ideaal traject in dit machtige stukje glooiende natuur. Het fungehalte van dit parcours overstijgt alles. Nog enkele flanken op en af en we arriveren voldaan in ‘Chapieux’. Met enkele stevige halve liters klinken we op deze prachtige dag.

DAG 4
De laatste rit, terug naar onze startbasis in Chamonix. Naast ons hotel start onmiddellijk het pad naar ‘Cormet de Roseland’(1967 m). Na 3 dagen beulen is deze 40’ lange kuitenbijter niet het leukste wat je de spieren ‘s morgens cadeau kan doen. Gelukkig is deze groep niet uit het lichtste hout gesneden en bereiken we samen de top. Voor eenmaal moeten we de verharde weg afwaarts nemen, onderweg wormen we ons door een kudde koeien die iets opwaarts hun vertier gaan zoeken. We arriveren bij een prachtig uitgestrekt stuwmeer ‘lac de Roseland’.Lang genieten kunnen we niet, we rijden onmiddellijk verder naar ‘lac de la Crittaz’, het uitzicht blijft net als de vorige dagen machtig mooi en eenmaal de top overgereden verliezen we het zonnetje aan de schaduwkant van deze berg. Het temperatuursverschil is enorm, met bijna bevroren voeten schuiven we deze gladdige afdaling naar beneden. De verloren col‘ is het volgende die we zullen trotseren. Via een vrij breed pad rijden we tot bijna boven, van nu af is het pad praktisch verdwenen, “bij slecht en mistig weer kan je dit doorsteekpunt onmogelijk volgen” weet Didier ons te melden. Wandelend zoeken we ons een weg door dit licht besneeuwde steile stuk. De afdaling die hier op volgt, is de meest technische en zwaarste die ik ooit tegenkwam! Rotsblokken, losliggende stenen…dit alles onder een hellingshoek om van te schrikken. Didier en David rijden voor. “Hier kan je op rijden”: roept Didier, deze kerel kennende betekent dit eigenlijk dat je beter afstapt. Zelfs Laurens, een heel technische biker bekijkt dit stuk…toch maar niet proberen?! Het op dit aansluitend pad ligt nog steeds bezaaid met stenen en blokken, dit is er eentje dat een biker eeuwig bijblijft, technisch, gevaarlijk maar toch leuk. We rijden verder over ‘col De Joly’ en dalen daarna tegen hoge snelheid een glooiend hard pad af richting Contamine. We houden halt en genieten van het stralende zonnetje dat ons hier terug opwarmt. Nog enkele niet te vermijden kuitenbijters, idem afdalingen en we komen via een zeer lange steile klim op de top van ‘Col de Voza’. Dit is een stopplaats van het treintje dat tot aan de voet van de witte reus rijdt ‘le mid d’aigle’. Geleidelijk strompelt iedereen het terrasje op waar we ons gesetteld hebben. Stilaan beseffen we dat we ons doel bijna bereikt hebben. Nog enkele snelle plezante, linke afdalingen en daar zitten we dan, velen getekend maar vooral fier en voldaan. Een 4-daagse bikecocktail van afzien en genieten rond le Mont-Blanc! Dank aan de 7 vrienden waarmee we deze tocht mochten beleven.

Wat mij vooral van deze tocht bijbleef: het moment dat je daar alleen boven staat en beseft hoe klein en niets je werkelijk bent. ’Het is de natuur die de mens zal overleven, niet andersom’!

De feiten:
Dag 1: 55 km – 2 400 pos.h/m – Gem.snelh. 8.5 km/h
Dag 2: 44 km – 1 660 pos.h/m – Gem.snelh. 9.2 km/h
Dag 3: 38 km – 2 075 pos.h/m – Gem.snelh. 8 km/h
Dag 4: 68 km – 2 470 pos.h/m – Gem.snelh. 10.4 km/h

Meer info over deze vierdaagse is terug te vinden op www.singletrack.be. Een uitgebreide fotoreportage is te bekijken in het Mountainbike.be Fotoalbum.

Dirk De Zutter

Auteur: Kenneth Droeshoudt
Linkpartner

Deze site maakt gebruik van cookies om de site optimaal te laten werken.

Cookies zijn kleine bestanden die gebruikt worden om de instellingen van deze site te bewaren.

Cookies vertellen ons niet wie je bent.

Wil je meer weten over cookies, lees dan onze cookie policy