mountainbike.be
26/06/2014
Videos

24 Uren van Zolder

De voorgaande jaren nam ik deel aan de 24 Uren van Zolder. De eerste keer met een team van vier personen waaruit er op het laatste nog eentje wegviel. De jaren daarna in teams van 6 tot 8 personen waarbij de sfeer, BBQ en het bier primeerden boven de prestaties. Ieder jaar keek ik vol bewondering naar de mannen die dit avontuur helemaal alleen uitreden. Dit jaar was het door een samenloop van omstandigheden moeilijk om een groep van acht samen te stellen en op een moment van zwakte heb ik mij dan maar ingeschreven als solorenner.

Zonder specifieke training of wat dan ook werd het doel mentaal op 400 km gezet. Ik had dit jaar nog maar één rit gedaan op de koersfiets, een relatief korte dan ook nog van 120 km. Voorts wel enkele langere mountainbiketochten van vijf tot zeven uur, maar totaal niet vergelijkbaar met een 24-urenwedstrijd. De week voordien was ik nog eens naar het circuit getrokken om de omloop te verkennen en te kijken hoe vlot alles bolde. Na een kleine zestig kilometer brak er een spaak in mijn voorwiel. Iets wat ik met de drukke werkweek in het vooruitzicht nooit meer hersteld kreeg. Gelukkig kon ik een wiel van mijn vader lenen.

's Vrijdags nam ik verlof en maakte ik mijn fiets in orde. Ketting zuiver maken en smeren, iets wat ik op de koersfiets waarschijnlijk al twee jaar niet meer gedaan heb. Daarna al het mogelijke materiaal wat ik dacht nodig te hebben klaar gelegd en de auto van mijn vrouw geclaimed door er een matras in te gooien. 's Avonds om zeven uur mochten de teams hun materiaal al gaan plaatsen. Ik sprak af met enkele vrienden die ik ken via het studentenleven van mijn vrouw om bij hen mijn auto te parkeren. Aangekomen op het circuit bleek dat deze mannen hun deelnamen als een teambuilding van het werk zagen. Alles was dan ook tot in de puntjes voorbereid: douchewagen, catering, massagetafels,... ze namen dan ook deel met drie of vier teams.

Zaterdagmorgen om elf uur was de briefing. Een collega van het werk bracht me hier naar toe en samen luisterden we naar de speech die de organisator afstak. Na zes deelnames wist ik de meeste zaken ondertussen wel, maar toch er zijn enkele aanpassingen met betrekking tot de wisselzone. Om 12.30 uur mocht ik nog een super-pole rijden: de zestig beste tijden mogen dan in een snelle groep vooraan starten, direct gevolgd door de rest van het peloton. Andere jaren reed ik me hier de longen uit het lijf om bij de eersten te zijn, dit jaar werkte ik op mijn gemak een rondje af, wat resulteerde in een tijd net boven de zes minuten.

Terug aangekomen bij mijn auto bleek tussen de vriendengroep waar ik bij sta de winnaar van vorig jaar in het soloklassement te zitten. Hij gaf me nog wat tips en zei dat er dit jaar niet veel bekende namen op gebied van uithoudingswedstrijden meededen. Zelf nam hij deel met een team van twee personen en beweerde dat, wanneer ik 700 km zou afleggen, ik kort bij het podium zou eindigen. Ik vertelde hem maar snel dat ik die ambitie niet had en als doel 400 km had vooropgesteld.

Om drie uur werd het startsignaal gegeven en al snel kon ik aanpikken bij een groep die aan een goed tempo rondjes aflegde. Via mijn GPS hield ik in het oog of ik voldoende dronk en at. Op mijn rug zat een Camelbak met drie liter water en dat bleek een goede keuze. De eerste 200 kilometer legde ik af tegen net geen 38 per uur gemiddeld. Toen ik het parcours afkwam bleek ik op de derde plaats te staan bij de solo's, positie die wel zou zakken met de pauze.

Snel de Camelbak bijgevuld, een praatje gemaakt met wat familie die aan de kant stond te supporteren en de batterij van de GPS opgeladen. In de wisselzone bleek ik ondertussen al gezakt te zijn naar de achtste plaats. Na een rondje opgewarmd te hebben kon ik opnieuw aanpikken bij een snelle groep. Toen werd het donker en begon niet alleen bij mij de vermoeidheid toe te slaan, tevens gebeurden er enkele zware valpartijen vlak voor mijn ogen. In groep rijden is dan ook altijd net iets gevaarlijker.

Onmiddellijk na de startstreep is er een flauwe bocht waar altijd veel toeschouwers staan, van dit stuk werd veel gebruik gemaakt om drank en eten aan te geven aan de renners op het circuit. Ik had dit niet nodig omdat ik met een rugzak reed, maar voor de renners waar iedere seconde telt is een rugzak natuurlijk geen optie. Jammer genoeg greep de renner voor mij fout naar zijn drinkbus en werd de bus het peloton in gekatapulteerd, recht op mijn knie. Op dat moment voelde ik een pijnscheut maar verder gelukkig niets.

Na dat voorval nog even een paar rondjes afgewerkt en toen de GPS 300 kilometer aangaf besloot ik om enkele uren te gaan slapen. Mijn doel was al bijna bereikt maar aan stoppen dacht ik nog niet. Snel een douche genomen en in mijn auto gekropen. Er werd mij al gevraagd of ik mijn doel nog niet had bijgesteld. Er waren elf uren gepasseerd, ik had al redelijk wat kilometers en toch had ik in de vooravond een redelijk lange pauze genomen.

Ik wimpelde dat toen af en mompelde iets van 'we zien wel', maar mentaal had ik de hoop al op 600 km gezet. Nog even alle elektronische toestellen aan de oplader hangen en de wekker gezet over drie uurtjes. Toen ik wakker werd kon ik mijn knie echter niet meer strekken. Blijkbaar had die drinkbus toch meer schade aangericht als ik eerst dacht. Snel wat zalf gesmeerd en de wekker een uur later ingesteld. Jammer genoeg met hetzelfde resultaat. Toch de fiets op gestapt in de hoop dat de pijn over ging als de knie wat kon ronddraaien.

Aanpikken bij de snelle groep ging in het begin redelijk vlot, maar telkens ik kracht moest zetten voelde ik een pijnscheut. Ik paste daarom mijn tempo wat aan en begon op een hogere trapfrequentie te fietsen. Dit kon de knie wel aan en op die manier ben ik tot de 400 kilometer geraakt.

Op één been fietste ik terug naar de auto. Ik smeerde nog wat zalf en wou net even gaan liggen toen mijn vader aankwam. Hij stond erop dat ik naar de EHBO ging. Daar hebben ze de knie even bekeken, maar veel konden ze ook niet doen. Ik kreeg een paar pilletjes tegen de pijn en om een ontsteking te drukken. Voorts een pak ijs op de knie en verplichte rust voor een aantal uren. Mijn nieuwe doel van 600 km kon ik dus op mijn buik schrijven. Ik polste ondertussen naar de afloop van de valpartijen van gisterenavond. Die mensen hadden veel minder geluk: dubbele bekkenbreuk, bekkenbreuk,....

Rond het middaguur kon ik niet meer blijven zitten en sprong ik terug op mijn fiets. De combinatie ijs en pijnstiller leek goed te werken. Ik kon weer aanpikken bij een groep die mooie rondetijden neerzette en met een beetje telwerk zag het er naar uit dat ik net geen 500 km zou halen. Met nog anderhalf uur te gaan kwam ineens de snelle groep voorbij en ik besliste om aan te pikken. Als ik dit tempo zou volhouden kwam ik net over de 500 km, lukte dit niet dan zouden het enkele rondjes minder worden. Maar mentaal klinkt 500 km natuurlijk veel leuker.

Toen om drie uur de checkerd flag wapperde verscheen net de 504 km op mijn teller. 126 rondjes van 4 km had ik afgelegd tegen een gemiddelde snelheid van 36,2km/h. Doel ruim gehaald, maar toch een wrange nasmaak: die 600 kilometer zaten er toch in.

Nadien snel de auto ingeladen en naar huis gereden. Een frisse douche genomen en naar de frituur gereden, ik was blijkbaar ruim zes kilo verloren dit weekend en dat moet terug aangevuld worden. Een grote klomp ijs op mijn knie gelegd, een pint in de hand en dan nog even naar de Rode Duivels gekeken. Als een wonder ben ik niet in slaap gevallen tijdens de match...

Auteur: Maarten Verheyen
tags Zolder
Linkpartner

Deze site maakt gebruik van cookies om de site optimaal te laten werken.

Cookies zijn kleine bestanden die gebruikt worden om de instellingen van deze site te bewaren.

Cookies vertellen ons niet wie je bent.

Wil je meer weten over cookies, lees dan onze cookie policy